Eugene van den Hemel: De Fakkel van Generaties
Nutzy Team
Ze zeggen:
Gen Z komt de arbeidsmarkt op.
Met eisen.
Met vragen.
Met een stem die niet fluistert,
maar klinkt.
Een stem die echoot in gangen
waar stilte te lang vanzelfsprekend was.
Een spiegel
Sommigen noemen het lastig.
Anderen noemen het brutaal.
Maar ik noem het:
een spiegel.
Want elke generatie voor hen
dacht dat ze het antwoord hadden.
De generaties voor hen
De Boomers
Bouwden systemen.
Bakstenen. Contracten voor het leven.
Werk was zekerheid,
een huis, een pensioen,
de belofte dat loyaliteit beloond werd.
Generatie X
Leerde overleven.
Ze zagen hoe die systemen kraakten.
Ze leerden cynisme als harnas,
en flexibiliteit als overlevingsstrategie.
Millennials
Kwamen met dromen.
Ze wilden zin, betekenis, balans.
Maar tussen idealen en targets
ontstond een generatie burn-outs.
Ze waren de brug,
maar soms ook de brug die instortte.
En nu: GenZ
Met ogen die niet meer geloven in façade.
Met harten die vragen:
Waarom zou ik werken in een wereld die brandt?
Waarom zou ik zwijgen als ik voel dat het schuurt?
Waarom zou ik loyaal zijn aan een systeem
dat niet loyaal lijkt aan de planeet,
aan de mens,
aan mij?
Ze brengen ongemak, ja.
Maar ongemak is vaak de deur naar groei.
Ze vragen niet om een stoel aan tafel,
ze schuiven ’m zelf naar voren.
Ze wachten niet tot de microfoon vrijkomt,
ze pakken hun stem terug.
En terwijl wij kijken,
leren wij opnieuw.
Wat we leren
We leren
dat werk niet alleen over brood gaat,
maar over betekenis.
Dat een carrière niet de ketting hoeft te zijn,
maar het kompas kan worden.
We leren
dat verandering geen vloek is,
maar een kans.
Samen verder
Dus laten we niet wijzen,
maar luisteren.
Niet verdedigen,
maar verbinden.
Want dit is geen strijd tussen generaties.
Dit is een doorgegeven fakkel.
Het vuur gaat nooit uit,
het verandert alleen van vorm.
Van handen.
Een veld van generaties
Stel je een veld voor,
waar generaties naast elkaar staan.
De een met eelt op de handen,
de ander met een scherm in de hand,
sommigen met littekens,
anderen met pas geopende ogen.
En in plaats van elkaar te overstemmen,
beginnen ze te luisteren.
De verhalen worden bruggen.
De fouten worden lessen.
De dromen worden gedeeld.
Totdat je ziet:
het is nooit óf óf geweest.
Het is altijd én én.
De toekomst
Want de toekomst wordt niet gedragen door één generatie,
maar door de echo van allen
die durfden te leren
en door te geven.
En GenZ?
Ze staan niet tegenover ons.
Ze staan naast ons.
Met de fakkel in hun hand,
en de vraag in hun ogen:
Ben je klaar om mee te lopen?